Fietsend door Azië

‘De lokale bevolking kijkt ons soms met grote verbazing aan’

Eind januari stapten Jan (76) en Anneke (74) na aankomst in China op de fiets. Inmiddels zijn ze 3 landen en ruim 2000 kilometer verder. Het is hun tiende Azië-reis. ‘Groen, kaal, imponerend, alle stadia maken we mee.’

Jan: ‘We zijn nu sinds een paar weken in Laos. Een heel prettig land om te fietsen. Goede wegen, vriendelijke mensen.’

Anneke: ‘Dat was in Vietnam wel anders. Het is vies, de wegen zijn belabberd en de corruptie viert er hoogtij. We schrokken ook erg van de toeristische verloedering. Het ooit zo prachtige bergdorp Sapa is nu een aaneenschakeling van restaurants en hotels. Vreselijk.’

Jan: ‘China was ook best pittig. We startten in Kunming en moesten daarna een aantal flinke bergen over, over wegen vol kuilen. En het was er koud! Nog geen tien graden. Maar we zagen wel verreweg de meest imponerende natuur op onze tocht, met prachtige uitzichten. Verder zijn het vooral rijstvelden waar we doorheen fietsen. Groen, kaal, alle stadia maken we mee.’
 

‘We fietsen gemiddeld 70 kilometer per dag’
 

Anneke: ‘In Vietnam hadden we wel een paar heel leuke ontmoetingen. Zoals met een gezin in Ninh Binh, waar we werden uitgenodigd voor de maaltijd. We zaten met z’n allen óp de tafel om te eten. Boeiend en ook vreemd. Maar echt contact blijft lastig door de taalbarrière.’

Jan: ‘We fietsen gemiddeld 70 kilometer per dag, met soms uitschieters naar boven. We voelen ons goed en onze conditie groeit elke dag. De lokale bevolking kijkt ons soms met grote verbazing aan. Andere fietsers zijn meestal jaren jonger.’

Anneke: ‘Wel zijn er soms ontberingen… Begin maart fietsten we ruim 100 kilometer, op weg naar Savannaketh in Laos. Uitgeput kwamen we aan in het guesthouse. Bleek er geen eten of drinken te zijn! We zijn nog nooit zó blij geweest met de noodvoorraad in onze fietstassen. Daarna hadden we het mooie hotel in Savannaketh hard nodig om weer bij te komen.’
 

‘Die bergpas over: spekglad en levensgevaarlijk!’

 

Jan: ‘Toen we net in Laos waren heeft het een aantal dagen heel hard geregend en gestormd. We moesten op dat moment een bergpas over, die ook nog eens spekglad was door alle olie uit vrachtwagens. Levensgevaarlijk. Toen zag Anneke een gammel vrachtwagentje geparkeerd staan. De eigenaar lag er onder een afdakje bij te slapen.’

Anneke: ‘Ik heb hem wakker gemaakt en hij wilde ons warempel tegen een kleine vergoeding een lift geven. Fietsen achterin en daar gingen we. Ook best eng, maar we kwamen gelukkig heelhuids aan.’
 

‘Eenmaal in Nederland fietsen we in een paar dagen naar huis’
 

Jan: ‘We hebben zelfs een keer politie-escorte gehad, in China. Tijdens het Chinese Nieuwjaar was het in de stad Jianshui zo ontzettend druk, dat we ons hotel niet konden bereiken. Een politiecommandant regelde een motor-escorte en wij fietsten er achteraan, begeleid door zwaailichten.’

Anneke: ‘Ook hebben we een paar lokale projecten bezocht. Zoals restaurant KOTO in het Vietnamese Hanoi. KOTO wordt helemaal gerund door jongeren met een achterstandspositie. Indrukwekkend.’

Jan: ‘Nog een paar weken en dan zit deze fantastische reis er weer op. Eind maart komen we aan in het Thaise Bangkok en hebben we ruim drieduizend kilometer afgelegd. Op 5 april landen we op Schiphol. Wij hebben de traditie om dan in een paar dagen naar huis te fietsen, naar Aalten. Een hele goede manier om te acclimatiseren.’

Benieuwd naar de eerste blog over de reis van Jan en Anneke? Je vindt ’m hier