Fietsend door Azië

‘Wij zien dingen die geen toerist ziet’

Ze zijn eind februari vertrokken en begin april kwamen ze terug. In de tussentijd fietsten Jan en Anneke Haring (76 en 74 jaar) zo’n 3.000 kilometer door China, Laos, Vietnam en Thailand. We spraken ze vlak voor hun vertrek. ‘Dit is onze tiende Azië-reis’.

'We weten ’s ochtends nooit waar we ’s avonds zullen slapen'
 

Jan: ‘We hebben altijd heel veel gefietst, onder andere door Nieuw-Zeeland en Zweden. Maar sinds mijn pensioen in 2002 hebben we tijd voor lange, grote tochten. Dit is onze tiende Azië-reis. We ontdekten Azië in 2007 en dat beviel zó goed, dat we er nu elk jaar terugkomen. Omdat je de tekens niet kunt lezen, hebben we een routeboekje bij ons. Maar we weten ’s ochtends nooit waar we ’s avonds zullen slapen.’

Anneke: ‘Wij zien dingen die geen toerist ziet. We zijn bij en naast de bevolking en tonen belangstelling voor hen; al gaat dat met handen en voeten. Niet om hun armoede en narigheid te zien, maar juist om te kijken hoe knap ze leven. Hoe ze hun situatie omzetten in geluk. Daar krijgen we altijd veel vriendelijkheid voor terug. We hebben nog nooit iets vervelends meegemaakt.’

Jan: ‘We willen ook iets achterlaten. We steunen bijvoorbeeld onderweg een ziekenhuis of een kookschool, of kopen zelfgemaakte spulletjes in een winkel. Vrienden geven ons altijd geld mee, om daar goed te besteden. Daarnaast fietsen we ook om het milieu niet te belasten. Dat vinden we heel belangrijk.’

Anneke: ‘Nu ja, we vliegen natuurlijk wel… Maar dat compenseren we dan weer ruimschoots door die drieduizend kilometer fietsend af te leggen.’
 

'Dag en nacht in elkaars nabijheid, je moet het maar kunnen!'
 

Jan: ‘We hebben inmiddels met z’n tweeën een heel goed ritme ontwikkeld. We stappen om half acht ’s ochtends op de fiets. We fietsen vijf uur per dag en zoeken dan een hotelletje of iets dergelijks. ’s Avonds lezen we, ik doe de was, en we spelen altijd een spelletje scrabble. Dat spel slepen we al veertig jaar met ons mee.’

Anneke: ‘We zijn tijdens een reis 24/7 bij elkaar. Omdat je de taal niet spreekt, is het toch riskant elkaar uit het oog te verliezen. Vrienden roepen vaak: “Dag en nacht in elkaars nabijheid, je moet het maar kunnen!” Maar wij zijn heel goed op elkaar ingespeeld. En soms moet je gewoon even je schouders ophalen.’
 

'Motivatie is het allerbelangrijkste'
 

Jan: ‘Gelukkig hebben we allebei een geweldige conditie. Thuis maken we ’s zomers twee, drie keer per week een fietstocht van tussen de veertig en tachtig kilometer. Ik drink en rook niet en ga vaak naar de sportschool.’

Anneke: ‘Ik heb niks met de sportschool... Maar ik fiets wel elke dag twintig kilometer op de hometrainer. En ik doe boodschappen op de fiets.’

Jan: ‘Anneke heeft notabene sinds een paar jaar een nieuwe knie. Acht maanden na de operatie zat ze alweer op de fiets voor een grote tocht!’

Anneke: ‘Ik had een geweldige chirurg én een goede fysiotherapeut. Zij snapten dat ik niet de rest van mijn leven achter de geraniums wilde zitten. Ze hebben mij enorm gestimuleerd om mijn grenzen te verleggen.’

Jan: ‘Fietsen begint in je hoofd. Je moet het eerst wíllen. Motivatie is het allerbelangrijkste.’

 

Benieuwd naar het tweede blog over de reis van Jan en Anneke? Je vindt ’m hier